Schoenen door de eeuwen heen

De uiterst complexe wereld van de schoen is door de eeuwen heen sterk geëvolueerd. Zoals de meeste modeartikelen, zijn schoenen van praktische gebruiksartikelen veranderd in een modestatement dat zelfvertrouwen en rijkdom uitstraalt. Terwijl de eerste schoenen, die dateren uit vroege tijden v. Chr., uitsluitend werden gemaakt als een vorm van bescherming tegen ruw, oneffen terrein, worden schoenen tegenwoordig beschouwd als een iconen van de mode-industrie. Als Kate Moss ze heeft gedragen, willen de meeste vrouwen dat ook. De moderegels - voor velen van ons bijna heilig - zijn soms eigenlijk een beetje vreemd: Waarom lijden sommige vrouwen pijn door hun voet in een slecht passende schoen te proppen? Het antwoord ligt natuurlijk in de dominante invloed van de mode-industrie op samenleving en cultuur: designer stiletto’s die de lust van elke vrouw opwekken, glazen Assepoestermuiltjes waarvan elk meisje droomt. De mode dicteert dat we een onverzadigbaar verlangen naar schoenen moeten hebben. En de meesten van ons luisteren naar die lokroep, ondanks het massale karakter ervan en de enorme bedragen die we ervoor neer moeten tellen.





De eerste schoenen

De bron van onze obsessie met schoenen is gelegen in het eeuwenoude ambacht van het maken van schoenen en laarzen. De fabricage van schoenen en laarzen heeft door de eeuwen heen gelijke tred gehouden met de technologische en industriële ontwikkeling en onze fascinatie heeft inmiddels obsessieve vormen aangenomen. De eerste schoenontwerpen zijn te traceren op de oude Egyptenaren en dateren uit 1200 voor Christus. Deze schoenen uit de oudheid waren eenvoudig van opzet en gemaakt van gevlochten gras of stro. In volgende jaren kwamen er meer modellen: schoenen voor boerenstand en schoenen voor de hogere klasse. In feite waren het sandalen, met zolen van papyrus en leren riemen. Vergelijkbare modellen werden ontwikkeld door de Romeinen en de Grieken; de iconische gladiatorschoenen bijvoorbeeld, of de gevleugelde sandalen voor Griekse goden als Hermes. Hoewel deze schoenen alleen bedoeld waren voor praktisch gebruik, is aan de hand van moderne collecties te zien dat er met name in Egypte al enige interesse was voor stijl en mode – sommige sandaalontwerpen waren versierd met felle kleuren of complexe leren riempjes.

Buiten Europa, in Zuid-Amerika, werd een alternatieve schoen gedragen: mocassins waren schoenen gemaakt van zacht hertenleer en werden gedragen tijdens de jacht en trekken over bladerrijk terrein. De schoenmakers gebruikten de huid van een hert, maakten gaatjes in het geelbruine leer en weefden er wijnstokken doorheen die ervoor zorgden dat de schoen samengebonden werd. Moccasins verschillen enigszins qua stijl, maar lijken op een enkellaars en hadden steeds een bruine kleur. Hoewel deze schoenen van oorsprong inheems Amerikaanse indianendracht, werd dit type schoen ook gedragen door Eskimo´s ter bescherming tegen de kou.

Tutankhamen’s sandals
Toetanschamon’s sandalen

Europa & Azië

Middeleeuws Europa introduceerde vele nieuwe trends in de schoenindustrie, waarbij het accent steeds meer werd gelegd op stijl en uitstraling. In de Middeleeuwen werd geen onderscheid gemaakt tussen linker en rechter schoenen – de zolen waren helemaal recht. Dit ontwerp duurde voort tot 1850 toen er een meer geavanceerde technologie werd geïntroduceerd. Voor die tijd werkten de meeste schoenmakers met hetzelfde gereedschap dat vroeger door de oude Egyptenaren werd gebruikt. Hoewel er nieuwe gereedschappen bijkwamen, zoals tangen, “lapstones” (stenen om het leer te beslaan) en hamers, waren de meeste primitieve gereedschappen, zoals beitelmessen en schrapers, nog steeds van onschatbare waarde voor de ambachtslieden. Bovendien bestond er in de Middeleeuwen niet zoiets als een schoenmaat. Pas toen aan het eind van de jaren 1400 de hiel werd opgemerkt ontstond er enig onderscheid tussen de linker en rechter schoen. Voor die tijd werden alle schoenen gemaakt volgens een standaardmal. Indien nodig, voegden schoenmakers wel een leren beschermingslaag toe om de zool breedte te geven, maar verder waren alle schoenen gelijk. De meest bijzondere schoen uit de Middeleeuwen was de puntschoen of ´Crackow`, een ontwerp met een extreem lange, puntige teen. Helaas was dit icoon van de schoenmakerskunst daardoor praktisch onbruikbaar: er vonden te veel ongelukken plaats als gevolg van de ontstuimige schoenpunten. Tegen het eind van de vijftiende eeuw was Europa in de greep van een nieuwe trend – de tenen van de schoenen voor vrouwen begonnen ronder te worden, terwijl de schoenen voor mannen een kleine hak kregen.

In sommige landen was het dragen van schoenen een voorrecht dat alleen was weggelegd voor de adel of de aristocratie, bijvoorbeeld in het zestiende eeuwse Babouche in Oost-India, waar de upper class burgers een ongebruikelijke sandaal droegen met een open hiel en een enkelbandje. Ook in Japan vormde de schoen een middel om maatschappelijke rangen en standen aan te geven; afhankelijk van je beroep of sociale klasse werd je geacht een bepaald type schoen te dragen. Misschien wel het meest bekend zijn de schoenen die door Geisha’s werden gedragen – de beruchte Geta schoenen. Deze schoenen werden geconstrueerd op een eenvoudig, verticaal platform dat het meisje een lengte gaf die als meer geschikt en aantrekkelijk werd beschouwd. Een slaaf zijn van de mode is geenszins een moderne trend: het gebruik van schoenen als een middel om de vrouw te sieren stamt al uit het negentiende-eeuwse China - dit ging zelfs zo ver dat de voeten van meisjes in hun vroege kinderjaren werden ingebonden om zo hun schoenmaat te verkleinen, de boog van de voet werd doorbroken zodat er in het midden van de voet een welving van 5 cm ontstond. Niet alleen werd dit door het andere geslacht beschouwd als een aantrekkelijke kwaliteit, maar het werd ook door de vrouwen zelf gezien als een verfraaiing – ze versierden hun vervormde kleine voetjes met fraaie zijden slippers.

Geta shoes worn by Geishas

Geta schoenen gedragen door Geisha´s

Nieuwe technologie

De deur van de schoenmode ging pas open in de achttiende eeuw, toen de technologie een enorme vooruitgang boekte. Nieuwe machines betekenden dat schoenen en laarzen niet alleen met een hogere kwaliteit geproduceerd konden worden, maar ook op een veel grotere snelheid. De eerste van deze machines werd ontworpen in 1845 en werd de Rolling Machine genoemd. Deze machine was een moderne vervanging van het “lapstone” gereedschap – hij besloeg het leer tot het zacht was door het tussen twee rollers te drukken. Afgezien van het feit dat de machine de schoenmaker de zware taak van het beslaan van leer met een hamer bespaarde, leverde de Rolling Machine een veel stevigere en hogere kwaliteit zolen. De meest innovatieve machine in de schoenindustrie werd geïntroduceerd in 1851 en stond bekend als de Howe naaimachine. In 1852 veranderde een schoenmaker uit Lynn de Howe naaimachine zodat hij gebruikt kon worden om het bovendeel van schoenen te naaien – deze baanbrekende aanpassing werd al snel van essentieel belang voor alle schoenmakers en markeerde de weg voor andere schoenfabricagemachines. De volgende belangrijke naaimachine die zijn opwachting maakte in de wereld van schoen- en laarsfabricage, was de McKay machine naar een oorspronkelijk ontwerp van Lyman R. Blake. De rechten werden overgenomen door Gordan McKay die met de machine honderden ´McKay` schoenen produceerde – de snelle productie van deze schoenen kwam in de Amerikaanse Burgeroorlog goed van pas: in het land bestond grote vraag naar schoeisel, vooral bij de strijdkrachten. Gedurende de jaren 1800 werden er allerlei andere machines geïntroduceerd, zoals de Goodyear Welt machine uit 1862, de ´Edge and Hell trimming` machines die werden geïntroduceerd rond 1877 en de lasting machine in 1883. Ondanks de vele voordelen die deze nieuwe technologie de industrie bracht, hadden schoenlappers als snel geen werk meer en werden ze gedwongen hun gereedschap neer te leggen en werk aan te nemen als fabrikant of zakenman – met als resultaat dat het schoenmakersvak helaas begon uit te sterven. Ondanks de onbegrensde mogelijkheden die moderne machines ontwerpers beloofden, werd de schoenproductie beperkt door de strenge eisen van de samenleving; Victoriaans Engeland stond niet toe dat vrouwen hun enkels in het openbaar toonden, dus moesten vrouwen leren om enkellaarzen met de kanten omhoog te dragen. Deze strak geregen laarzen werden later vervangen door ´Balmorals` - een laarsontwerp dat werd gedragen door koningin Victoria in haar kasteel bij Balmoral, die daardoor bijzonder populair werd bij het publiek. Ondanks deze beperkingen in design met saaie, uniforme schoenen als resultaat, kwam er enige verlichting – voor operaliefhebbers werden schoenen ontworpen die versierd waren met bloemen en vogels, de zogenaamde ´operaschoenen`.

Een Howe naaimachine gemaakt in 1875

Mode
Na de industriële bloei van de negentiende eeuw nam het maken van schoenen en laarzen in de jaren 1900 een nieuwe vlucht. Waar de mode voorheen vooral werd ingegeven door praktisch nut, duurde het niet lang voordat dit vrijwel geheel werd vergeten. Modestatements en ontwerpen reflecteerden de samenleving en toen het modetijdperk de wereld in zijn greep kreeg begonnen fabrikanten en designer labels reikhalzend uit te zien naar nieuwe, innovatieve ontwerpen. In 1917 werd er een revolutionaire schoen ontworpen, speciaal voor sportieve doeleinden, zoals de fameuze Converse All-Star basketbalschoen van canvas met rubber zolen sierde de basketbalvelden. Tegenwoordig worden deze schoenen vaak gecombineerd met skinny jeans en een geblokt shirt – dit type schoen is steeds meer een mode-artikel geworden dat zeer populair is bij de Indie generatie.

Voor vrouwen waren de jaren na 1900 een geweldige tijd om schoenen te kopen. Na de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) was de wereld er klaar voor. Vooral in Engeland en Amerika kwam iedereen in de ban van de Charleston, met als gevolg dat schoenontwerpers werden gedwongen om hun ontwerpen aan deze wilde dansstijl aan te passen. Er werden schoenen gemaakt met T-vormige riem, Cubaanse hielen en vaste knoopsgaten. Felgekleurde, exotische stoffen, zoals zijde en satijn, werden in de designs verwerkt en vooral na de ontdekking van het graf van Toetanchamon in 1922 begon de mode-industrie de Egyptische stijl in de mode te verwerken – met name in de schoenen. Eind jaren twintig ontstond de Art Deco, gedomineerd door zachere tinten en geometrische vormen, die een aanvulling vormde op de elegante stijl van Coco Chanel en Madeleine Vionnet, die in de schoenen- en laarzenmode een unieke plaats zouden innemen. Door de Depressie van 1929 werd de industrie hard getroffen, maar ontwerpers werden er niet door ontmoedigd; in de jaren dertig lieten ontwerpers hun fantasie de vrije teugel: het grote publiek werd getrakteerd op schoenen met plateauzolen (meestal van kurk of rubber door het tekort aan leer), flinke hakken en lichte kleuren die algemeen de begeerte wekten.

Schoenen uit de begin jaren 1900 – gedragen door de upper class.

De moderne tijd
De schoenenindustrie maakte in de jaren na 1900 ongewtijfeld de meeste ingrijpende veranderingen door. De Tweede Wereldoorlog legde de creativiteit van ontwerpers nog aan banden, waarbij het praktische nut voor de consument weer centraal stond. Maar na 1945 doorbraken mode-ontwerpers de naoorlogse moraal met revolutionaire ontwerpen. In de jaren zestig gold ‘hoe ´radicaler´ het ontwerp, hoe beter’. Regenboogkleurige laarzen en citrusgroene plateauzolen marcheerden in miljoenen getalen over de straten en markeerden een ommekeer in de schoenenwereld – evenals een terugkeer naar een tijdperk van wereldvrede. Deze bizarre rage zette door en culmineerde in de jaren zeventig in een ware heerschappij van de schoenenindustrie. Met de opkomst van de carrièrevrouw in de jaren 1980 ontstond er vraag naar een meer passende schoen voor de werkende vrouw. Gelijke kansen voor man en vrouw betekende dat ontwerpers invulling moesten geven aan het nieuwe ´power woman` imago – er ontstond veel vraag naar schoenen met lage hakken en neutrale kleuren. Sommigen verzetten zich hier tegen: beroemdheden als Madonna prefereerden hippe neon elasthan en felblauwe trainingsschoenen en moedigden zo de modewereld aan om het publiek te blijven verrassen met kleurig design: de vertrouwde bruine mocassins werden vervangen door schoeisel in felle tinten rood en blauw.

Wereldwijd houdt de schoenenmode het winkelend publiek nog stevig in zijn greep. Dit geldt vooral voor de schoenenmode voor vrouwen met zijn fantasierijke modellen, ontworpen op basis van het concept ‘begeerlijke hebbedingen’ te produceren waaraan de vrouw geen weerstand kan bieden. Door een onweerstaanbare begeerte op te wekken bloeit de schoenen- en laarzenindustrie als nooit tevoren.  
 

Menu terug naar artikels